Elfriede, het horrorsprookje

Regisseuse Karin Netten: "Uiteindelijk word je toch je moeder. Of je het nu leuk vindt of niet."

Interview: Omroep Brabant, uitwerking Dirk Verhoeven
Beeld: Joep Lennarts


Karin: "Elfriede is een heftig familiedrama. Het stuk is mede gebaseerd op de persoon van Elfriede Jelinek  – een Oostenrijkse schrijfster die in 2004 de Nobelprijs voor de Literatuur ontving, red. - . Zij had een dominante en claimende moeder en een vader die is overleden in een gekkenhuis. Elfriede Jelinek zelf worstelt met die achtergrond en de daaruitvoortvloeiende neuroses. Naar dat laatste hebben we gezocht en we hebben daar ook niet calvinistisch, beleefd en belegen in willen zijn.

Beklemmend
Het theaterstuk is geschreven door Miriam Boolsen.  We hebben twee jaar veel gepraat over onze fascinatie voor moeders en kwamen al gauw bij  Elfriede Jelinek uit,. Zij heeft onder andere het boek Die Klavierspielerin geschreven. Dat is later verfilmd als La Pianiste door Michael Haneke en gaat ook enorm over een beklemmende moeder-dochterrelatie.

Welvarend Weens
Ik hou van de Zweedse schrijver Lars Norén, die hele nare, zwarte, freudiaanse familiedrama's schrijft waar ik altijd humor in zie. We wilden in die stijl een verhaal over vrouwen als Elfriede Jelinek maken. Vrouwen van goeden huize, onderlegd, muzikaal, goede literatuur: een welvarend Weens gezin.

Keurig en ontspoord
De vaderfiguur is een buste op een piano. Moeder en dochter lijken uiterlijk behoorlijk. Misschien ook wel innerlijk. Het openingsbeeld is dat we in hun huiskamer zijn waar een mooie piano staat en daarop staat een buste van een componist. Er hangt een lijstje en daarachter staat een huilend zigeunerkind, wat de dochter is. De moeder speelt prachtig viool. Daarin komen we binnen als publiek. En dan ontspoort het vrij snel. De moeder wil controle hebben. De dochter wil ook haar ruimte opeisen en dat kan niet. De moeder zegt: "Er moest een meisje geboren worden, want jij zou mij zijn.". Die dochter is al dertig en moet zich losmaken. Letterlijk. Omdat zij niet in dat portret van de moeder kan blijven bestaan, zij wil zichzelf kunnen worden, een idividu.

Navelstreng doorknippen
Ik denk dat losmaken een fase is waar we allemaal doorheen moeten. En misschien ook wel bij vader-zoonrelaties of vader-dochter. Jelinek zegt: "Toen mijn moeder dood was, was de navelstreng pas doorgeknipt." Daar moeten we onze weg in vinden. Moeders kunnen zeggen: "Nee, ik laat je los en je bent op jezelf." Maar er blijft altijd nog iets zitten tussen ouders en kinderen. Waar je - al is het met geweld - uit los moet komen. Natuurlijk kan je zeggen: "Ik kom nooit meer  en vaarwel", maar dan nog zit je aan elkaar vast. Dat gegeven vind ik zo ingewikkeld en inspirerend. Je kan elkaar nooit loslaten en je wil het ook niet eigenlijk. Ook deze dochter wil gewoon contact met haar moeder. Het is nooit zwart-wit maar een zoektocht, een heel leven lang. En uiteindelijk word je toch je moeder. Of je het nu leuk vindt of niet. Terwijl we allemaal heel hard proberen dat te voorkomen.

Taal als masker
Ik hou erg van taal. Volgens mij is dat het grootste masker wat we hebben. Het enige voermiddel waarmee we contact proberen te krijgen of juist niet. Ik ben altijd bezig met mensen die praten of juist niet praten. En binnen dat thema de zoektocht naar intimiteit, de hunkering van mensen naar contact en vaak hun totale onvermogen daartoe. Over vijf jaar wil ik in de grote zaal staan van de schouwburgen. Dat lijkt mij te gek, theater maken dat toegankelijk is voor veel mensen. Het lijkt me letterlijk heerlijk om groot te kunnen werken."

Beluister het interview met Karin Netten op Omroep Brabant:
http://www.omroepbrabant.nl/podcast/?file=brabantbuiten/vgepkarinmenneelfriedecementmontage190211.mp3